Wat wij geleerd hebben in 4 weken nachtwerk als jobstudent in een mueslifabriekje:
- In augustus zijn de Gentse Feesten echt wel gedaan :-s
- Als men je zegt: "er ligt een nieuwe opdracht klaar boven op de tafel", betekent dit niet dat men zijn maliënkolder mag omgespen, zijn zwaard slijpen, veelkoppige monsters bestrijden en al helemaal niet dat men op het einde de prinses mag redden en haar de nacht van haar leven geven. Neen, het betekent dat het recept voor Honeyballs 3% klaarligt. Om bereid te worden een hele nacht lang.
- In sommige fabriekjes wordt meer product weggegooid dan werkelijk gemaakt en gestockeerd.
- Geheime deuren en gangen naar buiten zijn dolletjes! Zeker voor een kettingroker.
- Men rijdt best geen palet zonnebloempitten (900 kg) van een verhoog van 4 meter. Ik heb het dan ook maar niet gedaan.
- Een - het moet gezegd, het was een schoon kind - jobstudente bekijkt men bij voorkeur met openhangende mond, stroompjes kwijl aan de mondhoeken en tonglap tussen de benen. Men haalt er ook zijn beste Fabrieks boven, genre "Ziéj van Roeselare? of "Jeun je joe een bitje?"
- We weten eindelijk waar Within Temptation, Sean Paul en de hele troep jankende r'n'b negers hun fanbase halen. Juist ja.
- Arbeiders met oortjes in hun, euh, oren worden doorgaans afgeschilderd als 'anarchisten'. Bakoenin tolt zodanig rond in zijn graf dat er een doorsnee Midden-Afrikaans land kan mee voorzien worden van stroom.
- Net moeten vertrekken wanneer een iemand die een hele lijn voor heeft, nog maar goed en wel thuis is, is nooit grappig.
- Vorkheftruckchauffeurs hebben altijd wel een defect. Ofwel manken ze, ofwel zijn ze zodanig corpulent dat ze niet anders kunnen dan vorkheftruckchauffeur worden, ofwel zijn ze homofiel, ofwel zijn het dwergen (the Office). Het blijft wachten op de eerste hinkende en waggelende, homofiele dwergvorkheftruckchauffeur.
- Het lijkt wel of alle arbeiders (of -sters) na hun uren fanatieke groente- en fruittelers zijn. Ze hebben het dan ook continu over bananen, pruimen, komkommers, perziken, mel- en pompoenen.
- Ik studeer ("Wat? Zo saai!") Geschiedenis ("Voe lesse te geven zeker?" of "Dat was mijn leukste vak vroeger. De leraar vertelde altijd over de Romeinen en d'Oude Belgen. Ja dat was geestig") in Gent ("Nog nooit geweest"), heb geen lief ("Ge moet ne keer naar de Vagant gaan, daar ga je wel je goeste vinden"), geen kinderen ("Ik had er al drie op die leeftijd"), dans niet graag ("De jonge gasten, dat danst nie meer. Ik ben 43, maar toch ga ik nog elk weekend gaan dansen. De Hukkelebuk, ze kennen zij dat niet meer. Maar pillen pakken en springen op boenke boenke, dat!"), heb weinig affiniteit met VTM-programma's ("Diene Francesco en diene Junior, die zie ik graag bezig zie"). Ja ik voelde me er helemaal thuis.
- Maar al bij al viel het mee en waren het stuk voor stuk lieve, brave mensen. Zoals in: goed dat zíj het wilen doen.
Tot slot nog wat geduim uit de losse pols en enkele toi-toi-toi's voor diegenen die vandaag met hun 2de zit starten. Maar ook een beetje voor mijzelf. Want b tjes heersen.

0 reacties:
Een reactie plaatsen